Aanjaagteam Bescherming Arbeidsmigranten: schoon schip in de uitzendbranche

Om arbeidsmigranten beter te beschermen, moet het kabinet de eisen aan uitzendbureaus fors verhogen. In de toekomst zouden alleen uitzendbureaus die een certificaat bezitten, mogen opereren op de markt. Ook moet er een einde komen aan de koppeling tussen werk en wonen, waardoor arbeidsmigranten die hun baan verliezen ook meteen op straat staan. En gemeenten moeten een vergunning kunnen invoeren voor verhuurders van woonruimte, zodat zij beter kunnen ingrijpen als arbeidsmigranten in ondermaatse kamers worden gehuisvest. Tegelijk moeten gemeenten in hun bestemmingsplannen ook meer ruimte geven voor huisvesting van arbeidsmigranten, zodat er meer gebouwd kan worden. Dat staat in het tweede advies dat het Aanjaagteam Bescherming Arbeidsmigranten, onder leiding van Emile Roemer, uitbrengt aan het kabinet. Het doel van het advies is om de afhankelijkheid van arbeidsmigranten van hun werkgever, vaak een uitzendbureau, te verkleinen, en misstanden in hun werk- of woonsituatie tegen te gaan.

download publicatie Geen tweederangsburgers>

Voorzitter van het Aanjaagteam Emile Roemer: ‘De problematiek rondom arbeidsmigranten is de afgelopen maanden heel duidelijk geworden: slechte huisvesting, te lange dagen werken en een sterke afhankelijkheid van de werkgever. Wij hebben daar uitgebreid over gesproken met arbeidsmigranten, werkgevers, vakbonden, provincies en gemeenten. En inmiddels is iedereen er wel van overtuigd: dit kan zo niet langer. We moeten ervoor zorgen dat geen enkele arbeidsmigrant meer in een situatie belandt waar u of ik ook niet in zouden willen belanden. Met de voorstellen die wij doen, ontstaat een sluitend systeem waarbij bedrijven en huurbazen door regelgeving gedwongen worden zich netjes te gedragen. Gelukkig gaat dat al in veel gevallen heel goed. Van die succesverhalen moeten we leren.’

Naar schatting zijn er ruim 500.000 arbeidsmigranten uit andere EU-landen in Nederland. Veel arbeidsmigranten werken in vitale sectoren als de land- en tuinbouw, distributiecentra en de bouw. Een deel van hen heeft goed werk, een prettige werkgever en een nette huisbaas. Maar toezichthouders krijgen ook regelmatig meldingen van misstanden bij arbeidsmigranten. Sinds de coronacrisis is die problematiek verder aan het licht gekomen. Volgens het Aanjaagteam worden de problemen vooral veroorzaakt doordat arbeidsmigranten sterk afhankelijk zijn van hun werkgever. De werkgever regelt namelijk vaak ook de huisvesting en de zorgverzekering voor de arbeidsmigrant en trekt dat van zijn of haar salaris af. Dat kan goed werken, maar kan ook betekenen dat arbeidsmigranten met het verlies van hun werk ook direct het dak boven hun hoofd en de toegang tot gezondheidszorg verliezen. Daardoor zijn arbeidsmigranten in Nederland in een erg kwetsbare positie en kunnen kwaadwillende bedrijven makkelijker van hen profiteren.

Daarom wil het Aanjaagteam dat het kabinet ingrijpt in de uitzendsector en een certificatenstelsel invoert. Dat betekent dat alle uitzendbureaus moeten kunnen bewijzen dat zij de cao naleven, dat de huisvesting en zorgverzekering die zij regelen voor hun medewerkers op orde is en dat er geen bestuursverbod of boete van de Inspectie SZW op de naam van de ondernemer staat. Bedrijven mensen inhuren via een uitzendbureau zonder certificaat, moeten beboet kunnen worden. Ook adviseert het Aanjaagteam dat cao-partijen afspreken dat arbeidsmigranten geen schuld meer kunnen opbouwen bij hun werkgever en dat zij in de eerste twee maanden een gegarandeerd inkomen krijgen als zij ingaan op een aanbod van een werkgever om in Nederland te komen werken.

Ook adviseert het Aanjaagteam dat arbeidsmigranten voortaan een los arbeidscontract en huurcontract krijgen, zodat verlies van werk niet ook direct verlies van huisvesting betekent. Het Aanjaagteam stelt daarnaast voor om een verhuurdersvergunning in te voeren. Daarmee krijgen gemeenten meer grip op huisbazen en kunnen ze ook malafide verhuurders weren van de markt. Om het tekort aan huisvesting voor arbeidsmigranten aan te pakken, moeten provincies en de Rijksoverheid een grotere rol gaan spelen. En als er een nieuw bedrijfslocatie wordt geopend in hun gemeente, moeten lokale overheden direct een inschatting maken of daar arbeidsmigranten komen te werken en wat dit betekent voor de huisvesting en andere voorzieningen, zoals huisartsen, in de omgeving.

Verder bevat het advies ook aanbevelingen om de handhaving te versterken en de samenwerking tussen toezichthouders, zoals de Inspectie SZW en de gemeenten, te intensiveren. Omdat er nog altijd slecht zicht is op het aantal arbeidsmigranten in Nederland en waar ze wonen, moeten er bovendien een aantal zaken veranderen in de registratie van arbeidsmigranten. Werkgevers zouden hun medewerkers moeten aansporen zich in te schrijven in het BRP of bij het RNI-loket. Daar moet niet alleen het woonadres in het thuisland worden opgenomen, zoals nu het geval is, maar ook het actuele verblijfsadres in Nederland en de contactgegevens van de arbeidsmigrant. Om de afhankelijkheid van de arbeidsmigrant van zijn of haar werkgever verder te verminderen, bevat het advies de aanbeveling om arbeidsmigranten die werkloos raken nog 30 dagen recht te geven op zorgverzekering.


| Deel dit artikel  

Dossiers: Arbeidsmigranten,