Omgaan met bezwaren tegen flexwoningen: 16 lessen van gerealiseerde projecten

Flexwoningen hebben niet altijd een goed imago. Omwonenden denken dat ze lelijk zijn, dat ze de buurt doen verslechteren en dat er mensen komen wonen die niet in de wijk passen. Toch blijken de vooroordelen te verdwijnen als de woningen er eenmaal staan.

Maar hoe komt het dat bewoners vooraf toch zo ’tegen’ kunnen zijn, en hoe kun je dit voorkomen? In deze publicatie, geschreven door het Expertisecentrum Flexwonen en Platform31,  vind je zestien concrete handvatten om met weerstand onder omwonenden om te gaan.

Bekijk publicatie> 

 

Onderzoeksreeks

Dit onderzoek is onderdeel van een serie van drie over drie belemmeringen die de realisatie van fabriekswoningen in de weg zitten.

  1. Het eerste onderzocht de bewoners van prefab wooncomplexen: ‘De mythe ontkracht; bewoners zijn wel tevreden over hun flexwoning’. De titel verraadt de conclusie: ondanks de vaak negatieve beeldvorming, gevoed door incidenten, blijkt 80 procent van de bewoners er (zeer) tevreden te wonen. Dat is vergelijkbaar met hoe andere Nederlanders hun woonsituatie ervaren. Ook bleek dat 6 van de 10 bewoners zich niet realiseerden dat zij zelf in een industrieel gebouwde woning wonen.
  2. Het tweede onderzoek gaat over het imago van woningen uit de fabriek. Hiervoor kregen zowel woondeskundigen als het publiek op straat een setje foto’s voorgelegd, met telkens een woning die uit de fabriek komt en eentje die traditioneel is gebouwd. Beide groepen zien nauwelijks of geen verschil, en vinden beide even mooi. Conclusie: het ontwerp telt, niet de bouwwijze.

Dit onderzoek naar bezwaren en weerstand is het derde en laatste deel in de reeks.

Datum:
Dossier:
Aan de slag met flexwonen, Versnelling woningbouw
Onderwerp:
Draagvlak en communicatie